In 2025 onderzochten we via onze leden welke factoren het engagement van vrijwilligers beïnvloeden in open jeugdwerk met een beroepskracht, en welke rol beroepskrachten en het organisatiebeleid daarin spelen. In 2026 verdiepen we ons verder in wat een organisatiemodel nodig heeft om een sterke voedingsbodem voor vrijwillig engagement te creëren.
Waarom dit praktijkonderzoek?
De keuze voor dit onderwerp komt voort uit enkele vaststellingen die we als ledenorganisatie de afgelopen periode deden, zoals:
- Vrijwillig engagement staat onder druk. Vooral langdurige engagementen, zoals in het (dagelijks) bestuur, zijn moeilijker in te vullen.
- Beroepskrachten in open jeugdwerk hebben als taak jong engagement te ondersteunen en te versterken. Soms is het moeilijk om de juiste balans te vinden tussen ondersteunen en overnemen.
- Jongeren zijn vaak de werkgevers van deze beroepskrachten. Die beroepskrachten zijn meestal jong en hebben weinig werkervaring. De ondersteuning die we de laatste jaren bieden aan zowel werkgevers als beroepskrachten is sterk toegenomen.
- Lokale overheden zijn zoekende hoe ze optimaal kunnen samenwerken met geprofessionaliseerde initiatieven. Aandacht voor het (veranderlijke) engagement van vrijwilligers is belangrijk.
Wat onze sector uniek maakt, is de betrokkenheid en het eigenaarschap van jongeren, zowel in de dagelijkse werking als in de besluitvorming. Het is niet enkel voor jongeren, maar ook door jongeren. Geprofessionaliseerde initiatieven stellen die ruimte voor jongerenengagement centraal, maar dat is niet altijd even eenvoudig, zeker niet in een maatschappij met veranderlijke engagementen, geldissues en prestatie- en rapporteringsdruk.
Met dit onderzoek willen we leren wat er werkt, wat er minder goed werkt en welke lessen we hieruit kunnen trekken voor de toekomst.
Aanpak eerste jaar
Er werd een kwantitatieve bevragen gedaan bij 75% van onze leden met tewerkstelling. 306 respondenten (waarvan 182 vrijwilligers en 124 beroepskrachten) uit 79 unieke organisaties met een evenwichtige spreiding over Vlaanderen namen deel. Zowel werkingen waar er een beroepskracht werkt voor de vzw, als werkingen waar een jeugdambtenaar bestendigde tijd krijgt om de werking te ondersteunen.
We stelden vrijwilligers vragen over hun motivatie en drijfveren, en over hoe zij de rol van de beroepskracht(en) en de organisatie ervaren. Daarnaast bevroegen we beroepskrachten over hun dagelijkse praktijk: welke rol nemen zij op binnen de werking en hoe kijken zij naar vrijwillig engagement bij jongeren?
Ook de bredere organisatiecontext kreeg bijzondere aandacht. We onderzochten hoe bestuurswerking, organisatiebeleid en personeelsbeleid mee bepalen hoeveel ruimte er is voor vrijwilligers om zich duurzaam te engageren.
Vijf bepalende factoren voor vrijwillig engagement
Uit dit eerste onderzoeksjaar (2025) kwamen vijf belangrijke factoren naar voren die bepalen of jongeren vrijwillig engagement opnemen: motivatie, impact, community, context en organisatiebeleid. We stellen vast dat beroepskrachten op elk van deze factoren een duidelijke invloed kunnen uitoefenen. Hun handelen is dus cruciaal om vrijwillig engagement bij jongeren te stimuleren én te versterken.
De intrinsieke motivatie bij vrijwilligers in het open jeugdwerk ligt hoog. De zelfdeterminatietheorie wordt hierbij bevestigd: vrijwilligers ervaren een hoge autonomie, verbondenheid en competentie. Vrijwilligers willen zelf kunnen kiezen, zich verbonden voelen met de werking en het gevoel hebben dat ze iets kunnen en bijleren. Materiële voordelen (zoals een vergoeding of extra’s) spelen hooguit een ondersteunende rol, maar zijn zelden de echte drijfveer.
Vrijwilligers vinden het belangrijk om het gevoel te hebben dat ze écht verschil maken voor andere jongeren. Deze impact is moeilijk meetbaar, maar wel bijzonder betekenisvol. Veel vrijwilligers stapten oorspronkelijk binnen als bezoeker. De positieve ervaring die ze toen kregen, willen ze later vaak doorgeven aan anderen. Het gevoel van impact is dus een belangrijke motor voor blijvend engagement.
Open jeugdwerk is in essentie groepswerk. Een positief communitygevoel is daarom heel bepalend. Jongeren engageren zich sneller wanneer ze zich welkom voelen, plezier beleven met anderen en het gevoel hebben dat ze deel uitmaken van “iets groters”. Tegelijk kan community ook een valkuil zijn: wanneer een groep te gesloten wordt of onbewust drempels creëert, kan dit net jongeren afremmen om zich te engageren.
Hoe engagement mogelijk is en welke vormen van engagement mogelijk zijn, hangt sterk af van de organisatie: de cultuur, structuren, afspraken en regels. Dit is een cruciale factor voor duurzaam vrijwilligersengagement. Duidelijke communicatie, heldere taakafspraken en een goede samenwerking tussen beroepskrachten en vrijwilligers zijn essentieel. Ook het bestuur en het werkgeverschap spelen hierbij een grote rol. Ze beïnvloeden engagement zowel rechtstreeks (via ondersteuning van vrijwilligers) als onrechtstreeks (via de ruimte en middelen die beroepskrachten krijgen om vrijwilligerswerking uit te bouwen).
Factoren zoals de lokale opdracht, lokaal aanbod, de ligging van het jeugdhuis, de bestuursvorm, subsidiedruk en maatschappelijke uitdagingen (zoals stijgende levensduurte of mentaal welzijn) beïnvloeden vrijwilligersengagement sterk. Jeugdhuizen hebben hier niet altijd controle over, maar door samen naar oplossingen te zoeken, kunnen deze uitdagingen soms ook kansen worden.
Hoe met je organisatie een voedingsbodem creëren voor vrijwillig engagement?
In 2026 verdiepen we ons verder in de factoren context en organisatiebeleid. We merken namelijk dat deze factoren belangrijke randvoorwaarden vormen voor de mate waarin beroepskrachten zich kunnen inzetten om vrijwillig engagement bij jongeren te bevorderen en te ondersteunen. Vanuit die vaststelling richten we ons op de vraag: wat zijn duurzame organisatiemodellen voor open jeugdwerk met een beroepskracht? Hoe kan je doordacht omgaan met je organisatie- en personeelsbeleid om een goede voedingsbodem te creëren voor vrijwillig engagement? En hoe verhoudt zich dat tot de lokale opdracht?
Jouw stem is cruciaal: focusgroepen maart en april
In maart en april organiseren we enkele focusgroepen binnen dit visietraject. Samen met vrijwilligers en beroepskrachten uit het open jeugdwerk met tewerkstelling gaan we in gesprek over deze centrale vraag: waar moeten we rekening mee houden in ons organisatie- en personeelsbeleid om een sterke voedingsbodem te creëren voor vrijwillig engagement?
We maken ruimte voor uitwisseling, praktijkvoorbeelden en eerlijke reflectie. We zoomen in op thema’s zoals organisatiebeleid, personeelsbeleid en de rol van lokaal beleid.
Schrijf je in voor één van deze focusgroepen via de linken hieronder. (Maximum 2 personen per open jeugdwerking.)
Voor (bestuurs)vrijwilligers:
- Vrijdag 20 maart van 19u30 tot 22u in de Karmel in Brugge (tijdens Publik Brugge)*
- Woensdag 1 april van 19u tot 22u op ons hoofdkantoor in Antwerpen-Berchem.
- Woensdag 1 april van 19u tot 22u in de Kazematten in Gent.
Voor beroepskrachten:
- Vrijdag 20 maart van 19u30 tot 22u in de Karmel in Brugge (tijdens Publik Brugge)*
- Dinsdag 31 maart van 13 tot 16u op ons hoofdkantoor in Antwerpen-Berchem.
- Dinsdag 28 april van 13 tot 16u in de Kazematten in Gent.
*Op de focusgroep tijdens Publik maken we een mix tussen vrijwilligers en beroepskrachten, iedereen welkom!
Beoogde resultaten
Met dit traject werken we toe naar een vernieuwde visie van Formaat op open jeugdwerk met een beroepskracht. We willen mogelijkheden schetsen hoe open jeugdwerkingen hun beleid en werking zo kunnen organiseren dat er een sterke voedingsbodem ontstaat waarin vrijwillig engagement kan groeien en bloeien. We willen open jeugdwerkingen ondersteunen om nog bewuster te bouwen aan een werking die vertrekt vanuit jongeren zelf.
Tot slot willen we ook lokale beleidsmakers inspireren en adviseren over hoe zij het partnerschap met (geprofessionaliseerd) open jeugdwerk kunnen versterken. We willen hen handvatten aanreiken om samenwerking mogelijk te maken en open jeugdwerk duurzaam te ondersteunen.
Noteer donderdag 24 september 2026 alvast in je agenda. Dan presenteren we onze eerste resultaten tijdens een publieksmoment.
Heb je vragen, opmerkingen of ideeën rond dit visietraject?
Contacteer gerust Valerie Vonck (Valerie.Vonck@formaat.be) of Thomas Vancoppenolle (Thomas.Vancoppenolle@formaat.be).